De Zuiderzee Klassieker 2011

MANNEN, JONGENS,

Er is een moment dat mannen (synoniem: kerels) gescheiden worden van de jongens (synoniem: watjes). Gisteren was dat moment. Zes WTC’ers durfden het aan: 220 km rond het IJsselmeer. Dat bleken er 230 te worden (de organisatie is onervaren en verkeek zich een lullige 10 km), zodat we inclusief 2 routemissers (bedankt, Kees-Jan) maar liefst

237 kilometers

hebben afgelegd. De kerels–Ruud S., KJ, Chris, Marcel, Koen en ondergetekende, zijn in optima forma aangekomen, dank u. Ach, hier een daar een zucht, een steun, een krampje, een lodderige blik, rood doorlopen ogen, verzuurde bovenbenen en uiteindelijk enig gepiep, gekraak en een uiteenvallend pelotonnetje (we hadden gezelschap van een drietal free-riders) toen ik op km 205, tegen gemaakte afspraken in, ongemerkt 34 km/u ging rijden, maar verder niks. Pure heldhaftigheid. De mannen zijn opgestaan.

Ik kan me voorstellen dat de jongetjes die thuis zijn gebleven–inclusief gereputeerde krachtmensen Michiel en Ruud P., nu zitten te balen als een stekker. Rijden een fantastisch seizoen, maar als je er gisteren niet bij was, heb je de klap op de vuurpijl gemist, de apotheose, de Big Bang. Geniet even mee: van 730 tot 1615 uur 237 km-en fietsen met een gemiddelde (!) van 31 km/u en een mediane (!?) koerssnelheid van 32.5 km/u door een prachtig waterlandschap, van Almere via Amsterdam naar Hoorn en over de Zuiderzeedijk naar Lelystad, langs bloemen-, bieten- en wortelvelden, achter uientraktoren aan via Dronten en Emmeloord weer naar het Zuiden, over opgedroogde klei en dwars door vers gescheten koeien ontlasting heen naar eindpunt Almere. Niets kon ons stoppen.

Zelfs DE DIJK niet. Zet je pet maar af bij het lezen van wat nu komt. De Zuiderzeedijk is 28 km lang en we hadden wind tegen. Ook op een dag als gisteren heeft de wind op het IJsselmeer vrij spel, dus kracht 3 werd 4 en voelde zelfs als 5. En dan komen de supermannen onder de kerels die gisteren meededen naar voren. Ruud Strik op kop; adel verplicht zou je zeggen, maar dat zal hij zelf anders formuleren. Ik vind het prachtig. Weten dat je sterk bent, sterker dan anderen, en op het moment dat het erop aan komt niet verzaken en de kop pakken, ons uit de wind houdend. Je zou spontaan voor die man willen koken, bakken, en hem twee borden spaghetti en zeven pannenkoeken geven!

Ruud bedankt. Voor de volgende Zuiderzeetocht kom ik je persoonlijk de avond tevoren eten geven. Ik kook voor je, even nederig en waardig als jij op kop reed op De Dijk, en later in de Flevopolder, toen we kilometers langs rechtuit, recht aan en pal tegen een monotone wind in moesten rijden en jij je wederom op kop zette. Zoals Queen ooit zong: “you’re my best friend”.

Petje af, weer op, en meteen weer af, jongens! Want Kees-Jan deed gisteren eindelijk zijn retorisch vermogen eer aan met pure lichamelijke kracht en souplesse. Oftewel: nu effe geen woorden maar daden, dacht ie vast. Hij loste Ruud af als de laatste alles gegeven had. Waar Ruud gisteren het spits afbeet, nam KJ het over om pas op te geven als ook hij effe niet meer op kop kon. Waar ik bij Ruud de associatie heb met een buffel, is Kees-Jan in mijn beleving eerder een raspaardje; minstens zo sterk, met misschien ietsjes minder “duur” vergeleken met Ruud. Maar wat een prachtige tred, snel, sterk.

Ik vond het mooi deze mannen te zien rijden, lieve thuisblijvers, aardige jongens (vrij naar Nescio), WTC’ers die het in zich hebben de toer der WTC tochten mee te rijden maar gisteren de andere kant uitkeken. Iets met: “moet naar de Gamma”, “Marietje heeft te weinig speelgoed”, “me vrouw is naar tennis en ik mot thuis blijfe”, “heb geen zin, ben bang, weet het niet, twijfel nog”, “m’n band is lek”, “ik mot nog een zakie regeluh”, en meer van die swatch. De BIG BANG gemist…. Wat doe je nog op aarde?

Wie denkt dat deze overwinning der overwinningen niet afstraalt op het het hele gezelschap dat gisteren meereed, wie niet denkt aan Marcel die ondanks recente hernia problemen ook heel wat kopwerk deed en in zijn bekende mooie stijl de 237 km uit heeft gereden waar ie vooraf dacht aan een deel van de tocht; wie niet denkt aan gekke Chris (ja, die met die baard die van rauwe visjes houdt; we moesten ‘em tegenhouden anders had ie z’n oerneigingen gebotvierd op de aalvlugge diertjes die rechts en links van ons uit het water sprongen en in sierlijke boog weer doken–een “wacht maar, ik krijg jullie wel: via mijn visboer” blik van Chris ontlokkend) die dacht ergens onderweg op een trein te springen maar het daar tijdens de rit niet meer over heeft gehad–hij heeft doodleuk die 237 km op z’n palmares geschreven; wie niet denkt aan koene, kloeke en kranige Koen die in een stijl Kees-Jan waardig even gemakkelijk de kop overnam, op De Dijk en later op die godvergeten lange weggetjes in Flevoland–not exactly my place to be; en wie niet denkt aan de Captain der WTC’ers (als zodanig benoemd door de organisatie van de toer van gisteren), ook goed voor kopwerk, voelde zich gesloopt na De Dijk, maar herstelde daarna en was zoals hierboven beschreven in staat om na km 205 nog voor de nodige haarscheurtjes in en hartekreten uit het peloton te veroorzaken, die vergist zich.

Want de hele ploeg was apetrots, op zichzelf, op elkaar. We vielen na afloop elkaar in de armen, handen werden geschut, liefdesbetuigingen geuit–en even snel weer vergeten. Na een Yakultje lonkte het bier. Niek voegde zich nog bij ons; een Driebergenaar die de hele tocht met ons mee heeft gewalst. Sterke-beer-type-Michiel die echter gaandeweg de tocht meer achterin de groep te vinden was–wat wil je met zo’n moordend tempo van de ontketende WTC’ers zie zich gisteren hebben ontpopt als Echte Mannen en in het vervolg van hun hele leven op hun lauweren kunnen rusten–gerespecteerd als ze van nu af zijn en zullen worden door het ganse dorp, alle inwoners van Amsterdam, de gehele Europese bevolking (inclusief de Grieken) en lieden elders in de wereld–ver weg van het Oude Smeulende Continent. Dus dames van deze mannen; doe uw best. Nederig knielen, koken, niet meer lullen, maar lief zijn.

Na drie drankjes kwam het gesprek op de psychiater van KJ, waarna Chris wist dat het moment daar was om zijn “psychiater” op te zoeken. Wat heeft die man een mazzel; heeft een mooie Citroen inclusief alle extra’s, een pracht van een rondemiss thuis, een vrouw die visjes bakt als geen ander en dan ook nog voor psychiatertje speelt. Marcel griste het bankpasje van Niek mee, deed alsof de laatste het pasje vergeten was, mompelde iets over terugbrengen en reed lachend weg in zijn patjepeeersauto. Koen en Ruud hadden zichtbaar moeite met het afscheid, konden niet echt loskomen, maar kozen er toch uiteindelijk voor de weemoedige terugtocht naar het stille Werkhoven te ondernemen. Ik had geen moeite met het afscheid; ik was op weg naar mijn ex, ben sowieso op weg naar het verleden, toen alles nog koek, ei en herkenbaar was, in theater Carre de new-wave band The Cure met hun rug naar het publiek toe al die klotenummers van hun meest recente elpee “Pornography” speelde en ik god op m’n knietjes dankte toen ze eindelijk A Forest en In Between Days speelden. Ik ging uit m’n dak! Ja, die tijden, daar leef ik naartoe. Ik keer me graag af van wat komen gaat: de Big European Bang (*).

Tot in het heelal, zwevend, ergens in een baan om een andere planeet dan onze lieve Aarde, geen zwaartekracht die ons op de plaats houdt, geen orde en structuur die de verbeelding beknot, geen verlangen of angst die maakt dat het leven is wat het is: niets aan te doen, maar we zijn ervoor verzekerd.

Adieu, my friends. En voor de jongens onder u: volgend jaar weer een kans (**).

Uw captain for one day:

Evert

(*): zie FD en FT van afgelopen vrijdag
(**): We hebben dan wel een andere trekker nodig voor de fondswerving, want mijn familie, vrienden en collegakring likt gapende financieële wonden.

 

Evert- Jan Visser 25-11-2011

  • Facebook
  • Twitter

Post a Comment

Your email is never shared. Required fields are marked *

*
*