Veenendaal – Veenendaal report

Aan het thuis front van de WTC:

Vandaag, 9 april, ondernam de WTC Werkhoven haar eerste toertocht van het jaar. Voor Martien zelfs zijn allereerste toertocht. Hij keek zijn ogen uit, maar daarover straks meer. Mooi weertje, dus Ton stond 3 minuten vroeger dan het afgesproken tijdstip op de stoep te trappelen van ongeduld. Later die dag zou hij minder blij kijken, maar daarover straks meer. Om 745 uur stonder zes WTCers op de Brink: Alfart, Kees-Jan, Jos, Martien, Ton en ondergetekende (ik). Nog wat bewolkt, fris, maar later zou de zon doorbreken en zou het een heerlijke dag worden. Echt zo’n fietsdag dat je alleen last hebt van je zelf en gebrek aan kracht in boven en benedenbenen, tenzij je ketting breekt natuurlijk, maar daarover straks meer. Marcel zou zich in Veenendaal bij ons voegen, evenals Kees de zwager van Evert, maar Marcel belde KJ met mededeling dat ie niet fit was. Ik begreep ziek, want fit is niemand op zaterdagmorgen 700 uur na alweer een nacht met veel te weinig slaap. Kees stond allang op ons te wachten. Parkeerplekkie opgezocht, flauwe grappen van het duo Clerq/Nielen geincasseerd en hoppatee naar de startlijn. Lekker fietsen over ons bekende heuvels (Amerongse, Rhenense, Defensie) en daarna ri Arnhem. Op een vlak stuk langs water–ik weet bij god niet waar ik was maar het zag er in ieder geval niet uit als de binnestad van Amsterdam, lag een fietser op de grond in een plas bloed, met de linkerzijde van zijn gezicht geheel open (komt niet meer goed) en wellicht een gescheurde wenkbrauw want jemekdepemig waar kwam dat bloed anders vandaan. Dat was het moment dat Martien zijn ogen uit keek. Ik trouwens ook. Verder vermeldenswaard is een klein klimmetje dat Alfart aankondigde na een viaduct en dat ik heb benut om een niet nader bij naam te noemen accountant (je weet wel, dat volkje dat onder een hoedje speelt met bankiers en aan wie we de crisis te danken hebben die menig overheidsdienaar op dit moment slapeloze nachten bezorgt–van welk geld moet ik over 1 jaar mijn brood bij bakkertje Doeleman kope?) eraf te rijden. Vanzelfsprekend probeerde de niet nader bij naam genoemde accountant mij in te halen, maar de verrassingsaanval slaagde; het mannetje werd op 10 meter gereden, zeldzaam in de geschiedenis van de WTC en de laatste keer dat dit gebeurt, vrees ik na het schrijven van deze tekst.

KRAK zei de ketting van Kanondaal Ton. Het is ook altijd wat met die gozer. Of z’n telefoon rinkelt, of we gaan te hard, maar deze keer waren het maar liefst 3 kettingdeeltjes die hem parten speelde. Godzijdank bood Kees-Jan zich aan met Ton naar de fietsenmaker te gaan. Konden wij in een gezapig tempo van 28 km/u over de Posbank sjezen. Dat was in bijzijn van KJ wel harder gegaan. Vanaf het moment van Ton’s KRAK ging alles van een leien dakje en reden we de laatste 75 km fluitend en flierend over een aantal bultjes die ze hier te landen “bergen” noemen. Nee, dan de Marmotte. Brr. Bovenbenen deden na de laatste Defensieweg pijn, Jos en Martien kwamen nog een keer voorbij sprinten daarbij enkele boodschappen doende lokale mevrouwen de hoofdweg op duwend, wat hen op enkele reprimandes uit het peloton kwam te staan. Vrolijk ging het verder tot aan de finish.

Een laatste opmerking. Natuurlijk waren er wat sterke renners, maar wij zijn niet voor de poes. De training van de afgelopen maanden heeft zoden aan de dijk gezet. Lijkt erop dat wij heel wat sterker zijn dan menig fietser die in het voorjaar start en dan ook nog zo’n toertocht wil rijden. Goed te zien dat ons plezier en ijver vruchten afwerpt.

Tot de volgende keer,

uw coordinator van vandaag,

Evert

  • Facebook
  • Twitter

Post a Comment

Your email is never shared. Required fields are marked *

*
*